Irving, Texas, 20 November 2002 - Een van de beroemdste universiteiten van de wereld, de Universiteit van Stanford in Californië, is een grootschalig en baanbrekend onderzoeksproject naar energie- en klimaatvraagstukken begonnen. Al het benodigde wetenschappelijke werk wordt gefinancierd door het internationale bedrijfsleven, waaronder ExxonMobil, dat met een bijdrage van 100 miljoen euro optreedt als hoofdsponsor. Economische ontwikkeling heeft naast positieve ook minder prettige gevolgen. Hoewel de beschikbaarheid van alternatieve bronnen zoals wind- en zonne-energie snel groeit en energiebesparing doorzet, zal de toenemende vraag naar energie niet op te vangen zijn zonder meer fossiele brandstoffen te gebruiken. De meeste voorspellingen spreken over een groei van het energieverbruik met maar liefst 50 procent in twintig jaar. Dat leidt automatisch tot een forse toename van de uitstoot van CO2, het bekendste broeikasgas. De wereld maakt zich grote zorgen over de uitwerking die dat zal hebben op ons klimaat. De grootste particuliere producent van fossiele brandstoffen ter wereld, ExxonMobil, deelt die zorgen en wil bijdragen aan duurzame oplossingen. De vraag is echter hoe we dit probleem het beste aan kunnen pakken. Aangezien er op dit moment geen bruikbaar grootschalig alternatief is voor fossiele brandstoffen moeten we oplossingen bedenken die de toenemende CO2-uitstoot verminderen. Die oplossingen kunnen wat ExxonMobil betreft alleen voortkomen uit wetenschappelijk en technologisch onderzoek. Om het onderzoek naar alternatieve energietechnologie een nieuwe impuls te geven heeft ExxonMobil besloten deel te nemen aan een klimaat- en energieproject van een van de meest gerenommeerde wetenschappelijke instellingen ter wereld, de Universiteit van Stanford in Californië. Deze universiteit heeft zich voorgenomen door middel van wetenschappelijk onderzoek te helpen de klimaatrisico's van het toenemende energieverbruik terug te dringen. De komende tien jaar zullen wetenschappers in dit kader onderzoek verrichten naar allerlei nieuwe of commercieel en wetenschappelijk nog niet rijpe technologieën die de broeikasgasemissies naar beneden zouden kunnen brengen. Een belangrijke voorwaarde daarbij is dat die technologieën commercieel haalbaar zijn. Gezien het mondiale karakter van het klimaatvraagstuk zal Stanford voor het researchwerk samenwerking zoeken met andere vermaarde wetenschappelijke instellingen, met name in Europa. Ook andere gerenommeerde bedrijven, zoals General Electric, Schlumberger en de grootse energieleverancier van Europa, EO.N, investeren in het Global Climate and Energy Project of G-CEP, zoals het is genoemd. Het totale sponsorbedrag, 225 miljoen euro, staat gelijk aan de som die de Universiteit van Stanford de afgelopen tien jaar heeft besteed aan door bedrijven gefinancierd wetenschappelijk onderzoek.
|